Actualiteiten

evidente privaatrechtelijke belemmering bij vergunningverlening als er privaatrechtelijke instemming voor de activiteit vereist is?

Vaste rechtspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State (ABRvS) is dat een gevraagde vergunning voor een activiteit (bijvoorbeeld bouwen) geweigerd moet worden indien en voor zover er sprake is van een evidente privaatrechtelijke belemmering om de activiteit uit te kunnen voeren.  

Uit de uitspraak van 26 juli 2017 van de ABRvS (ECLI:NL:RVS:2017:1997) blijkt dat, als duidelijk is dat de noodzakelijke privaatrechtelijke instemming (in casu van een vereniging van eigenaren) niet is gegeven, dit nog steeds niet mag leiden tot het aannemen van een evidente privaatrechtelijke belemmering. Wil er sprake zijn van een evidente privaatrechtelijke belemmering, dan moet de civiele rechter zich daar al over uitgelaten hebben. Volgens de Afdeling is immers altijd mogelijk dat een besluit van de VvE tot weigering van de noodzakelijke toestemming door de civiele rechter vernietigd kan worden, dan wel er een vervangende instemming door de civiele rechter gegeven kan worden.  

De uitspraak leert dat er volgens de Afdeling nooit sprake kan zijn van een evidente privaatrechtelijke belemmering als privaatrechtelijke instemming vereist is, zo lang een civiele rechter zich daar nog over heeft uitgelaten.  


Dit bericht is geplaatst op Woensdag 9 augustus 2017 .

Voor vragen over dit onderwerp kunt u contact opnemen met: