Actualiteiten

Schadevergoeding bij afgebroken onderhandelingen

Het komt in de praktijk nogal eens voor dat er tussen partijen onderhandelingen worden gevoerd over het sluiten van een contract, waarbij uiteindelijk door een partij die onderhandelingen worden afgebroken. De vraag is of in een dergelijke situatie een schadevergoedingsverplichting ontstaat voor degene die afbreekt. Daarbij liggen de kaarten voor degene die schadevergoeding wenst in beginsel niet goed, omdat in een reeks van uitspraken onze hoogste rechter, de Hoge Raad, (zie o.m. Hoge Raad 12 augustus 2005, NJ 2005/467 CBB/JPO) heeft bepaald dat de lat hoog ligt om tot het oordeel te komen dat het afbreken van de onderhandelingen onaanvaardbaar is. In de woorden van de Hoge Raad: "Er is sprake van een strenge, tot terughoudendheid nopende maatstaf".  

Vandaar dat ook in de lagere rechtspraak zelden een dergelijke schadevergoedingsvordering wordt toegewezen vanwege afgebroken onderhandelingen. 

In een recente uitspraak van de Rechtbank Amsterdam van 19 juli 2017 (ECLI:NL:RBAMS:2017:5513) lag dat anders. De Rechtbank komt in dat vonnis tot het oordeel dat de gang van zaken rond de onderhandelingen zelf en in het bijzonder ook de overige omstandigheden van het geval zodanig zijn dat de lat wordt gehaald. De Rechtbank gaat de omvang van deze schade in de procedure schatten waar partijen zich dan vervolgens nog over mogen uitlaten. 

Deze uitspraak van een lagere rechter is dan ook een voorbeeld van een uitzondering op het uitgangspunt dat partijen vrij zijn onderhandelingen af te breken. Dat is immers niet toegestaan indien dit op grond van het gerechtvaardigd vertrouwen van de wederpartij in de totstandkoming van de overeenkomst of in verband met de overige omstandigheden van het geval onaanvaardbaar zou zijn. Die situatie deed zich aldus de Rechtbank in dit geval voor. Hoewel lastig aan te tonen kan het dus wel!

Dit bericht is geplaatst op Dinsdag 26 september 2017 .

Voor vragen over dit onderwerp kunt u contact opnemen met: